Afvallen van je geloof kan een heel pijnlijk proces zijn.
Uiteindelijk laat je een levensvisie achter, één waar je jaren absoluut van overtuigd was.
Samen met die levensvisie kom je ook los van heel wat andere zaken die daarbij horen. Je verlaat een gemeenschap, je verliest verschillende zekerheden, je mist misschien zingeving, …
Tegelijk kan afvallen van je geloof ook heel wat opluchting brengen.
Twijfels die je misschien al jaren had zie je bv voor het eerst als terechte twijfels. Je ervaart een innerlijke rust omdat je eindelijk eerlijk bent met jezelf …
In deze blog som ik graag op wat ik persoonlijk verloren heb bij het afvallen van het geloof, en wat ik erbij gewonnen heb.
Het is niet zo dat ik destijds winst en verlies afgewogen heb, en van daaruit een beslissing genomen heb om niet meer te geloven. Niet meer geloven was geen keuze voor mij. Het was gewoon een gevolg van het eerlijk zijn met mezelf, na jaren grondig onderzoek (zie daarvoor mijn website exchristen.be).
Zowel de winst als het verlies moest ik er nu eenmaal bijnemen.
Verlies:
- Een absolute zekerheid
Hebreeuwen 11 (in de bijbel) zegt het volgende:
“Het geloof nu is de zekerheid der dingen, die men hoopt, en het bewijs der dingen, die men niet ziet.”
Als gelovige heb je dus een zekerheid in je leven. Die zekerheid hoeft niet waar te zijn om je toch een gevoel van zekerheid te geven.
Verlies je je geloof, dan verlies je echter ook die zekerheid.
Uiteraard ben ik door mijn geloofsafval tot de conclusie gekomen dat die zekerheid niet de waarheid is, toch ben ik ze kwijt en kan dat als een gemis aanvoelen. Je weet het even allemaal niet meer zo goed. - Zingeving
Geloof geeft zin aan je leven. Je gelooft dat je hier bent met een bepaald doel. Dat is een gedachte die comfort geeft. Je bent hier immers niet zomaar.
Uiteraard kan je na je geloofsafval zingeving zoeken in andere aspecten van het leven. Dit is echter een proces dat de nodige tijd in beslag neemt. - Een gemeenschap, een sociaal netwerk
Bij iedere vereniging hoort een sociaal netwerk. Bij een kerkgemeenschap kan dit netwerk heel sterk zijn, je deelt immers een levensvisie en niet zomaar een hobby.
Het is ook logisch dat als je een gemeenschap verlaat, je heel wat contacten verliest. Uit het oog is nu eenmaal dikwijls ook uit het hart.
Toch lijkt het mij dat dit bij een kerkgemeenschap enigzins anders zou mogen zijn. Binnen het christelijk geloof wordt immers heel hard gefocust op aanvaarding en onvoorwaardelijke liefde.
Toch heb ik ervaren dat, als de voorwaarde van het geloof wegvalt, de liefde ook dikwijls wegvalt.
Er zijn dichte vrienden waar ik sinds mijn geloofsafval geen contact meer mee heb. Niet dat er nu ruzie is, maar je hoort nu eenmaal niet meer bij “de club”. - Een ontmoetingsplaats
Ik heb heel wat vriendschapsrelaties ontwikkeld door het christelijk geloof. De verschillende activiteiten die bij het geloof horen boden de ideale gelegenheid om nieuwe mensen te leren kennen. Dat is nu weggevallen.
Het voelt aan als een (deels) opnieuw beginnen van het zoeken naar ontmoetingsplaatsen om nieuwe mensen te leren kennen. - Een gemeenschappelijke interesse, een connectie
Ik merk dat alles wat met het onderwerp geloof te maken heeft nogal dikwijls gemeden wordt in gesprekken met christen vrienden.
Dat is niet op mijn vraag. Het lijkt wel of mensen denken dat, omdat ik niet meer geloof, ik daar ook niet meer wil over praten. Dat is echter niet zo.
Als gevolg daarvan is het zo dat gesprekken nogal dikwijls over koetjes en kalfjes gaan waardoor ze vaak diepgang missen. - Een plaats om mezelf te ontwikkelen
In de kerkgemeenschap had ik de kans om een aantal van mijn talenten te ontwikkelen. Buiten een kerkgemeenschap is het niet altijd evident om dergelijke kansen te vinden. Toch zijn die er, maar uiteraard kost het een inspanning om ernaar op zoek te gaan.
In de kerk was er altijd wel een mogelijkheid om iets met je talenten te doen. Dat evidente is nu weg.
Winst:
- Innerlijke rust in het niet weten, vrede met mezelf, vrede met de twijfels die ik altijd had
Dit is voor mij de grootste winst gebleken. Ik kon eindelijk eerlijk zijn met mezelf. Jaren dacht ik dat ikzelf de oorzaak van mijn twijfels was. Ik weet nu dat dat niet zo is.
Hoe alles dan wel precies in elkaar zit? Dat weet ik ook niet. Toch weet ik het liever niet dan dat ik doe alsof dat ik het weet, waarbij ik telkens mezelf zaken wijsmaak waarvan ik eigenlijk ergens wel weet dat ze niet kloppen.
Ik heb vrede met het niet weten. - Los zijn van het naïeve, een realistische en kritische kijk op de zaken
Sommige zaken zijn nu zo helder, dat ik moeilijk kan snappen dat ik dat vroeger niet zo zag.
Ik ben losgekomen van het naïeve, en heb een gezonde kritische blik ontwikkeld. Ik merk dat ik die kritische blik ook in andere aspecten van het leven ontwikkeld heb. Daar ben ik blij mee. Je maakt me niet zomaar meer alles wijs. Ik onderzoek en probeer mijn blik zo wijd mogelijk te houden. - Zelfaanvaarding en zelfwaarde
Ik slaag er nu meer in om mezelf te aanvaarden, als wanneer ik nog christen was. Ik heb goede kanten en slechte kanten, en ik ben verantwoordelijk voor beide.
Vroeger werd ik geleerd dat ik zonder god niets voorstel en dat al het goede van god komt. Dat is niet zo.
Het is mijn verantwoordelijkheid om goede dingen te doen en ik moet de gevolgen dragen van de slechte dingen die ik doe.
Verder is het schuldgevoel in het moeilijk kunnen beleven van het geloof ook verdwenen. Dat is positief voor mijn gevoel van zelfwaarde. - Echte vrienden, vriendschappen die blijven ondanks andere levensvisies
Ik heb nog heel wat christen vrienden. Ik heb er verloren, maar er zijn er ook heel wat overgebleven.
Mijn geloofsafval heeft voor een schifting in vrienden gezorgd, en de echte zijn overgebleven. Met die kan ik dus verder. - Opnieuw connectie met mensen die eerder van het geloof afgevallen zijn, begrip voor hun situatie
In het verleden heb ik zelf veel te vaak, wanneer mensen niet meer naar de kerk kwamen, geen aandacht meer besteed aan die vriendschapsrelaties. Daar heb ik spijt van.
Ik merk dat, door af te vallen van het geloof, een aantal van die relaties hersteld zijn. Er is bij die vrienden wederzijds begrip en erkenning. Het is leuk om die vrienden terug te hebben en te snappen waarom ze destijds van het geloof afgestapt zijn. - Nieuwe vriendschappen door meer tijd door te kunnen brengen op andere plaatsen
Ik heb meer tijd nu, en dat biedt ook meer mogelijkheden om nieuwe mensen te leren kennen.
Ik ontwikkel nieuwe hobby’s, leuk om daar ook nieuwe mensen te leren kennen. - Vrienden en familie die niet naar de hel gaan
Dit is voor mij een heel belangrijke. Als christen geloof je dat mensen die sterven en die niet geloven naar de hel gaan. Ik merkte in het verleden dat christenen het daar ook moeilijk mee hadden en ze hier altijd wat om heen draaiden. Dan werd bv gezegd dat ze, bij het verlies van iemand dierbaar die geen christen was, op het laatst van die persoon in zijn ogen gezien hadden dat hij god toch aanvaard had. Ik vond dat altijd al wat vreemd.
Kijk, de bijbel is duidelijk op dit vlak. Geloof je, dan ben je gered, geloof je niet, dan ga je naar de hel.
Ik was daar altijd heel nuchter in en was mij er destijds dus van bewust dat heel wat van mijn vrienden en familie naar de hel zouden gaan. Dat was een moeilijke gedachte.
Daar ben ik nu vanaf. Ik geloof dat niet meer. Wat er wel gebeurt als je sterft? Ik heb er geen flauw benul van. - Geen veroordeling meer naar andersdenkenden
Als christen word je geleerd om niet te oordelen. Toch is het net dat wat heel wat christenen wel doen. Christenen kijken heel vaak naar mensen “uit de wereld” en hebben daar altijd wel een bepaalde gedachte bij.
Dat is nu verdwenen. Ik mag anderen ook aanvaarden zoals ze zijn.